Praktijkvoorbeeld

Zonnehoeve is een gemengd boerenbedrijf met een gesloten kringloop. “Het vee verrijkt de akkerbouwgrond en de bakkerij gebruikt het tarwe van de akkers. Op het stro van de tarwe liggen de koeien.”

Risicomanagement

De OESO-richtlijnen

Richtlijnen voor internationaal ondernemen

De OESO-richtlijnen maken duidelijk wat de Nederlandse overheid (en 41 andere overheden) van bedrijven in het buitenland verwacht, op het gebied van MVO. Ze bieden daarmee een handvat voor bedrijven om met maatschappelijke kwesties als kinderarbeid, milieu en corruptie om te gaan.

De OESO-richtlijnen zijn de enige door de overheid onderschreven MVO-normen en bevat als enige kader een uitgewerkt geschillenbeslechtingsysteem.

Thema's in de OESO-richtlijnen

Uitgangspunten en ketenbeheer (I&II)

Bedrijven dragen bij aan de economische, sociale en ecologische vooruitgang van het gastland, door:

  • zich aan de lokale wet- en regelgeving te houden
  • in kaart te brengen welke MVO-risico's er spelen in de keten
  • lokale economische en sociale ontwikkeling te bevorden
  • gedragsregels na te leven op het gebied van MVO
  • zich niet op ongepaste wijze te mengen in politieke aangelegenheden

Informatieverstrekking (III)

Bedrijven maken regelmatig betrouwbare en relevante informatie openbaar over hun bedrijfsactiviteiten. Deze informatie moet in ieder geval aandacht besteden aan sociale- en milieuprestaties, gedragscodes en de relaties die het bedrijf onderhoudt met verschillende stakeholders. 

Mensenrechten (IV)

Bedrijven respecteren de mensenrechten van alle mensen die door de activteiten van het bedrijf worden beinvloed. Ook dienen zij de risico's op de schending van mensenrechten in kaart te brengen en passende maatregelen nemen om schending te voorkomen of te herstellen. Dit wordt ook wel due dilligence genoemd. 

Arbeid (V)

Bedrijven respecteren het recht van werknemers om zich te laten vertegenwoordigen, discrimineren niet en betalen een leefbaar loon. Ze dragen actief bij aan het afschaffen van kinderarbeid en iedere andere vorm van gedwongen arbeid of dwangarbeid. 

Milieu (VI)

Bedrijven houden rekening met het milieu, de volksgezondheid en de veiligheid in hun omgeving. Ook dienen zij te werken met een geschikt milieumanagementsysteem en zorgen zij voor voldoende training op het gebied milieu, gezondheid en veiligheid. 

Corruptiebestrijding (VII)

Bedrijven onthouden zich van het direct of indirect smeergeld of andere onrechtmatige voordelen aanbieden, toezeggen, geven of eisen met als doel opdrachten of andere ongeoorloofde voordelen te verwerven of te behouden. 

Consumentenbelangen (VIII)

Bedrijven zorgen ervoor dat de producten en diensten die zij leveren voldoen aan alle overeengekomen of voorgeschreven normen op het gebied van de gezondheid en veiligheid van consumenten. 

Wetenschap en technologie (IX)

Bedrijven hanteren waar mogelijk praktijken die de overdracht en snelle verspreiding van technologie en know-how mogelijk maken, rekening houdend met de bescherming van intellectuele eigendomsrechten. 

Mededinging (X)

Bedrijven onthouden zich van het aangaan of uitvoeren van concurrentiebeperkende afspraken.

Belastingen (XI)

Bedrijven dragen bij aan de overheidsfinanciën van het gastland.

Lees meer over de oesorichtlijnen.

Laatst bijgewerkt: 
29-09-2015 14:23